In 1555 kwam Pomp als elfjarige terecht in Lissabon voor een
opleiding. Tussen 1566 en 1590 was hij in Portugese dienst als
kanonnier; in 1568 voer hij uit naar India. In deze periode bezocht
hij minstens tweemaal China en heeft daar zijn bijnaam aan te
danken. In 1583 leerde hij in het Portugese Goa een stadsgenoot Jan
Huygen van Linschoten kennen, die in de volgende jaren gebruik zou
maken van Pomps kennis over de route naar China in de Itinerario.
Nadat zijn Antwerpse vrouw op de Malabar was gestorven, besloot
Pomp terug te keren naar zijn vaderland.
In 1592 werd zijn beschrijving van China in de Tresoor der Zeevaart
uitgegeven.
- ‘In Sina woont seere goet volck ende is een landt seer ryck van
Gout, Edel ghesteente, alderhande syde, Perlen, Perlemoer, Camfer,
Quicksilver, Rhabarber, Goutdraet, Muscus ende van al dat men mach
bedincken, iae al wildemen daer mede laden een schip van dryhondert
last... D'inwoonders... hebben Afgoden als Duyuelen in hun kercken
gheschildert die sy eeren. Sy laten hun nagels groeyen also lanck
als sy mogen, mits dat sy gheen gheweere draghen moghen.
D'inwoonders van desen lande zyn brassers, sy eten alderhande
spyse, maer liever van een hont dan van eenich ander wiltbraet oft
gedierte. Sy maecken henlieder wyn oft dranck van Rys, daerin sy
hun drancken drincken: nochtans zyn sy cloecksinnighe lieden, die
alle dinghen connen seer subtylyck ende scherpsinnich
maecken‘.
In 1598 liet hij zich overhalen en voer hij mee op de expeditie van
Jacques Mahu. Pomp werd na Mahu's dood kapitein op de Blijde
Boodschap. Nadat de schepen uit elkaar waren geraakt, dreef hij af
naar het zuiden. Daar zou hij (in 1599), op 64° zuiderbreedte, land
hebben gezien. Jacob le Maire beschrijft dit in 1616 aldus:
- Door alle contrarie Winden is apparent dat Dirck Gerritsz, die
ghebreck aan sijn Boeg-Spriet en Fockemast hadde, soo verre
Suytwaerts is ghedreven, namelick op vier en tsestich graden
besuyden de Straet, op die hoochte wesende, sach int Suyden leggen
heel hooch Berchachtich Landt, vol Sneeuw, als het Landt van
Noorweghen, heel wit bedeckt en strecktede hem al of het nae de
Eylanden van Salomon wilde loopen.
Het is twijfelachtig of Dirck Pomp de Zuidelijke Shetlandeilanden
heeft gezien, en als de ontdekker van deze eilanden voor de kust
van Antarctica kan gelden. Een ander verslag geeft bijvoorbeeld aan
dat men slechts tot 56° zuiderbreedte was gekomen en geeft ook geen
ontdekt land aan.
Toen het schip vanwege een gebrek aan mondvoorraad de haven
binnenliep van Valparaiso werd de bemanning gevangengenomen. Pomp
verkocht zijn schip aan de Spanjaarden of het is in beslag genomen.
Na zijn terugkeer in 1604 werd hij koopman in Enkhuizen. In 1606
zou hij opnieuw hebben getekend.